De zorg in Nederland is top, maar de rekening die je soms zelf moet betalen, dat is een ander verhaal.
▶Inhoudsopgave
We hebben het dan over de eigen bijdrage voor zorg en thuiszorg. Voor veel mensen is dat een flinke kostenpost.
Logisch dus dat je wilt weten hoe je die zo laag mogelijk kunt houden. Een veelgestelde vraag is simpelweg: speelt mijn vermogen eigenlijk een rol? En wat als je minder vermogen hebt, wordt je bijdrage dan automatisch lager? Het antwoord is niet een simpel 'ja' of 'nee', maar het hangt er echt vanaf hoe je situatie in elkaar zit.
In dit artikel leggen we zonder ingewikkelde woorden uit hoe de vork in de steel zit.
We duiken in de regels en kijken naar de relatie tussen wat je op de bank hebt staan en wat je maandelijks moet betalen.
Wat is de eigen bijdrage eigenlijk?
Stel je voor: je krijgt thuiszorg of je gaat naar een instelling voor langdurige zorg.
Dan betaalt de basisverzekering een groot deel van de kosten. Maar niet alles. Het deel dat je zelf moet betalen, dat is de eigen bijdrage. Het is een soort eigen risico, maar dan specifiek voor langdurige zorg.
Het is belangrijk om te weten dat dit niet zomaar een vast bedrag is dat voor iedereen hetzelfde is. De overheid kijkt naar wat jij kunt betalen.
Daarom wordt er gekeken naar je inkomen én je vermogen. Het doel is eerlijk: mensen met meer middelen betalen iets meer, mensen met minder betalen minder.
Hoe wordt de hoogte berekend?
De berekening gebeurt door de Belastingdienst in opdracht van het CAK (Centraal Administratie Kantoor). De formule is in principe simpel: je inkomen plus een deel van je vermogen.
Je inkomen telt zwaar mee
Laten we de twee hoofdfactoren even onder de loep nemen. Je inkomen is de grootste bepalende factor. Dit gaat om je loon, pensioen, uitkering of andere inkomsten.
Vermogen: hoeveel heb je op de bank?
De Belastingdienst kijkt naar je inkomen van twee jaar geleden. Ze verdelen inkomen in groepen.
- Spaargeld op je bankrekening.
- Beleggingen (aandelen, fondsen).
- Een tweede huis of vakantiewoning.
- Overige waardevolle bezittingen (exclusief je eigen hoofdwoning).
Hoe hoger je inkomen, hoe hoger het percentage dat je moet betalen. Als je dus weinig inkomen hebt, speelt je vermogen een minder grote rol. Naast inkomen kijkt de Belastingdienst naar je vermogen. Dit zijn al je bezittingen minus je schulden. Denk aan:
Belangrijk: je eigen huis telt voor de berekening van de eigen bijdrage niet als vermogen. Dat is een misverstand dat we graag direct wegnemen.
De vermogensgrens en de stappen
Je vermogen wordt niet voor de volle 100% meegerekend. Er is een drempelbedrag.
In 2024 is de grens voor vermogen € 116.000 (voor alleenstaanden). Zit je hieronder? Dan telt je vermogen praktisch niet mee voor de berekening. Zit je erboven? Dan begint de teller te lopen, maar wel in stappen.
Het systeem werkt met drie categorieën: Waarom deze stappen? Om te voorkomen dat je in één keer heel veel meer moet betalen zodra je net boven de grens komt. Het werkt als een soort trap: hoe hoger je klimt, hoe minder hard de stap wordt.
- Tot € 116.000: Dit deel telt voor 100% mee in de berekening.
- Tussen € 116.001 en € 232.000: Van dit bedrag telt maar 50% mee.
- Vanaf € 232.000: Van dit bedrag telt slechts 25% mee.
Hoe beïnvloedt vermogen je bijdrage?
Om direct antwoord te geven op de titel: ja, als je minder vermogen hebt, wordt je eigen bijdrage in principe lager.
Zeker als je vermogen onder de drempel van € 116.000 blijft, heeft het geen enkele invloed op je bijdrage. Je betaalt dan alleen op basis van je inkomen. Stel je hebt een vermogen van € 150.000.
Dan wordt het bedrag boven de € 116.000 meegerekend (dus € 34.000). Van die € 34.000 wordt 50% meegenomen in de berekening.
Dat is € 17.000. Als je vermogen € 80.000 is, is dat bedrag € 0.
Dat scheelt flink in de eindafrekening. Conclusie: hoe lager je vermogen, hoe minder druk op je eigen bijdrage. Zolang je onder de grens blijft, speelt vermogen en de eigen woning geen rol.
Wat kun je doen om je bijdrage te verlagen?
Wil je je bijdrage omlaag brengen? Er zijn een aantal strategieën, afhankelijk van wat je situatie is.
Als je weinig vermogen hebt
Als je vermogen laag is, is je inkomen de belangrijkste hefboom. Je kunt je bijdrage verlagen door bijvoorbeeld te kijken naar wat er met de eigen bijdrage gebeurt als je partner thuis blijft wonen. Als je vermogen ver boven de € 116.000 ligt, kan je bijdrage aardig oplopen.
- Inkomen verlagen: Dit klinkt gek, maar soms loont het om minder uren te werken als je hierdoor in een lagere belastingschijf valt. Check dit wel goed met een adviseur.
- Zorgtoeslag aanvragen: Heb je een laag inkomen? Dan heb je waarschijnlijk recht op zorgtoeslag. Dit is een bijdrage van de overheid die je helpt de zorgkosten te betalen.
- Kosten aftrekken: Bepaalde zorgkosten kun je aftrekken van je belastingaangifte.
Als je veel vermogen hebt
Je kunt je vermogen verlagen om in een lagere categorie te vallen.
Let wel: dit zijn geen snelle trucjes, maar serieuze financiële keuzes.
- Bezittingen verkopen: Een tweede huis of auto verkopen verlaagt je vermogen direct.
- Schenken: Je kunt je kinderen een voorschot op hun erfenis geven. Dit is binnen bepaalde fiscale grenzen mogelijk. Hiervoor moet je langs de notaris.
- Investeren in je eigen woning: Hoewel je eigen woning niet meetelt voor het vermogen, kan het verstandig zijn om te investeren in energiebesparing of onderhoud. Dit verlaagt je maandlasten.
- Spaargeld gebruiken voor aflossing: Heb je een studieschuld of een restschuld? Aflossen verlaagt je vermogen.
De rol van het CAK
Het CAK is de organisatie die de eigen bijdrage int. Zij werken samen met de Belastingdienst.
Het CAK beoordeelt je situatie en stuurt je een brief met de hoogte van je bijdrage. Als je inkomen laag is, kan het CAK ook bepalen of je recht hebt op kwijtschelding. Het CAK kijkt naar je totale plaatje.
Ze weten wat je inkomen is en wat je vermogen is. Als je vermogen plotseling verandert (bijvoorbeeld door een erfenis of verkoop van een huis), moet je dit zelf doorgeven.
Doe je dat niet, dan loop je het risico dat je te veel betaalt of dat je later geld moet terugbetalen.
Kwijtschelding: wanneer kom je in aanmerking?
Er bestaat zoiets als kwijtschelding van de eigen bijdrage. Dit is niet voor iedereen, maar als je financieel echt krap zit, is het een optie.
- Je inkomen is lager dan € 11.660 per jaar (voor alleenstaanden).
- Je vermogen is lager dan € 23.200.
In 2024 zijn de voorwaarden streng. Je moet voldoen aan de volgende eisen: Als je hieraan voldoet, kun je een verzoek indienen bij het CAK of de Belastingdienst. Let op: dit is geen automatische regeling. Je moet actief een aanvraag doen en aantonen dat je de bijdrage niet kunt betalen.
Samenvatting
Terug naar de kernvraag: wordt je eigen bijdrage lager als je minder vermogen hebt? Ja, dat kan zeker. Zolang je vermogen onder de € 116.000 blijft, heeft het geen effect op je bijdrage.
Ga je daar overheen, dan betaal je wel extra, maar door de stappen (50% en 25%) loopt het geleidelijk op.
De beste manier om je bijdrage laag te houden, is door je financiële plaatje goed in de gaten te houden. Zorg dat je weet wat je inkomen en vermogen zijn, en geef veranderingen op tijd door.
En onthoud: vermogen verlagen kan helpen, maar het is vaak een langetermijnstrategie. Raadpleeg bij twijfel altijd een financieel adviseur of belastingconsulent.
Veelgestelde vragen
Kan mijn inkomen en vermogen beïnvloed worden om mijn eigen bijdrage te verlagen?
Ja, je inkomen en vermogen spelen een belangrijke rol bij het bepalen van je eigen bijdrage. De Belastingdienst en het CAK kijken naar je totale financiële situatie, inclusief je inkomen en bezittingen, om te bepalen hoeveel je moet betalen.
Hoe wordt mijn vermogen precies berekend voor de eigen bijdrage?
Een lager inkomen en minder vermogen leiden over het algemeen tot een lagere eigen bijdrage.
Wat is de vermogensgrens die van invloed is op mijn eigen bijdrage?
De Belastingdienst kijkt naar je inkomen van de afgelopen twee jaar en verdeelt dit in verschillende categorieën, zoals spaargeld, beleggingen en eventuele tweede huizen. Het totale vermogen, minus schulden, wordt dan gebruikt om je eigen bijdrage te berekenen. Het is belangrijk om te onthouden dat je eigen huis niet meegerekend wordt.
Welke bezittingen tellen mee voor de berekening van mijn eigen bijdrage?
In 2024 is de vermogensgrens voor eigen bijdrage € 116.000 voor alleenstaanden. Als je vermogen onder deze grens ligt, heeft je vermogen vrijwel geen invloed op je eigen bijdrage. Het is dus belangrijk om je bezittingen in de gaten te houden. Voor de berekening van je eigen bijdrage worden je spaargeld op de bank, beleggingen (zoals aandelen en fondsen) en eventuele tweede huizen of vakantiewoningen meegenomen.
Hoe kan ik mijn eigen bijdrage voor thuiszorg of langdurige zorg verlagen?
Let op: je eigen woning telt niet mee, ondanks dat veel mensen dit denken.
Je eigen bijdrage wordt bepaald door je inkomen en vermogen. Als je vermogen lager is dan de vastgestelde grens, kan je eigen bijdrage lager zijn. Het is aan te raden om contact op te nemen met het CAK voor een persoonlijke berekening en om te kijken of je in aanmerking komt voor een lagere eigen bijdrage.